Startpagina.
Reisverslagen.
Het schip.
Wie zijn wij.
Het plan!.
Contact.

Verslag 48  San Blas / Kuna Yala 2


Porvenir > East Lemon Cays - 12 feb 2010
Na een paar dagen schoon schip maken en wat snorkelen in de omgeving, is het tijd om verder de gaan. We zeilen op ons gemakje naar de vijf mijl verderop liggende East Lemmon Cays. Vier in een cirkel liggende eilandjes, waarvan er twee zijn bewoond door Kuna families, bieden met hun omliggende riffen een goed beschermde
ankerplek. Hier ontmoeten we eindelijk - we hebben ze al heel vaak op de radio gehoord -  de bemanning van Kaat en Seraglio, twee Nederlandse stellen met jonge kinderen die ook al een aantal jaar onderweg zijn.
Vooral voor de kleintjes is het hier meer dan geweldig want wat wil een kind nog meer dan zon, een heerlijke warme zee en schoon strandzand.

Kuna Yala bestaat uit ongeveer driehonderd grotendeels paradijselijke eilandjes met prachtige spierwitte zandstranden met kokospalmen tot aan het azuurblauwe water dat bij de riffen tot mintgroen oplicht.
Onderwater bevind zich één groot aquarium vol met de meest prachtig gekleurde vissen, koralen, sponzen,
wieren en heel veel verschillende beestjes waarvan ik er gelukkig steeds meer ga herkennen. Een waar
Snorkelparadijs dus.
Heerlijk dat het hier zo prachtig is want daardoor houden we de moed erin. Ondanks dat we volgens
sommigen van jullie eeuwig vakantie vieren, heeft het ons de afgelopen tijd niet echt meegezeten. Zowel qua
gezondheid als met de Raaf.

Jan heeft van een orthopeed in Cartagena te horen gekregen dat zijn knie oud en versleten is en dat er dus weinig of niets aan te doen valt uitgezonderd het aanpassen van zijn spontane bewegingen aan zijn huidige leeftijd. Lastig voor iemand die zich regelmatig achttien voelt. Hij slikt nu iedere dag een poedertje ter bevordering van het kraakbeen en als hij geen gekke draaibewegingen maakt, gaat het goed. Zodra Jan zijn
knie daarentegen raar draait, zwelt hij weer op en wordt hij weer pijnlijk en dan wordt het leven aan boord opeens uitermate moeizaam. Zijn schouder is daarentegen gelukkig weer helemaal oké.

Zelf ben ik de laatste tijd niet echt zuinig op mezelf geweest. Eerst over mijn grenzen in Curaçao met de roest
tragedie en mijn bezoek aan NL, daarna de tocht van Curaçao naar Cartagena waarin ik Witte Raaf voor een
groot gedeelte alleen heb gevaren met als afsluiting de stop in Cartagena waar uitrusten ook niet echt tot de
mogelijkheden behoorde met als resultaat een bronchitis die ik niet wil erkennen waardoor deze waarschijnlijk
is doorgegroeid tot een lichte longontsteking.  Nu na ruim zes weken hoesten toch maar aan de antibiotica en
sinds een paar dagen eindelijk weer hoestvrij.

Ondertussen geeft Witte Raaf, ondanks onze constante aandacht voor haar, ook aan last te hebben van pijntjes
want we komen maar niet toe aan onze actielijst van zo'n vijftig punten.  Opeenvolgend gaan er essentiële dingen
kapot zoals:
Ÿ
de koelkast die er spontaan mee ophoudt,
Ÿ
vuile diesel die we nu al weken lang, per vijf liter, door een trechter met schone katoenen lapjes filteren,
     (de tank kunnen we pas laten reinigen door een bedrijf in Colon)
Ÿ
de windgenerator die opeens vertraagd draait en geen stroom meer oplevert (blijkt een doorgebrande
zekering te zijn maar doordat hij het nog een beetje deed hebben we er dagen naar moeten zoeken)
Ÿ
de buitenboordmotor (oude bougie) en geen nieuwe te krijgen en ga zo maar door. En dat terwijl we
eigenlijk het houtwerk dat is ingetimmerd in Cartagena in de twee componenten vernis moeten zetten.
Klussen, klussen, klussen dus.

De gestorven koelkast resulteert in een onvrijwillige voer actie van de vissen want het nog resterende vlees dat we vacuüm getrokken en ingevroren uit Cartagena hebben meegebracht is spontaan ontdooid en in temperaturen van rond de dertig graden binnen de kortste keren groengrijs van kleur en dus onappetijtelijk.
Meer dan jammer, want er is hier in de San Blas in de wijde omgeving geen vlees te koop dus vanaf nu wordt het vis en vegetarisch. We worden vast heel gezond, zeker gezien het feit dat warm bier ook niet te hachelen is.
Binnenkort gaan we op zoek naar de Italiaanse schipper Pierro, die volgens zeggen verstand heeft van koelkasten maar waarvan we momenteel even niet weten waar hij uithangt. Hij is niet in het bezit van een SSB radio en dus moeilijk te lokaliseren. Tot die tijd zullen we moeten oefenen in ‘leven terug in de tijd’.

Wauw, de ‘koelkastman’is morgen naar alle waarschijnlijkheid bij Nabagandup, een eilandje zo’n twintig mijl oostwaarts vlak bij het vasteland. Inpakken en vastzetten dus want daar waar hij is, willen wij zijn.

East Lemon Cays > Nagana - 20 februari 2010
Na een prachtige zeiltocht moeten we aansluiten in de rij want er liggen nog vier andere schepen met koeling-problemen.
Pierro blijkt een uitermate beschaafd Italiaans heerschap die heel beheerst en uiterst zwijgzaam onze zieke onderzoekt. Na verschillende testen klinkt de sombere diagnose; “dead”.
“Oh nee toch”, dat hadden we niet ingecalculeerd, “hij is nog geen twee jaar oud!”
Gelukkig is niet het gehele apparaat ten dode opgeschreven, alleen het koelelement moet vervangen worden.
Na wat suggesties van medeschippers besluiten we een nieuw koelelement in de US te bestellen bij Marine Warehouse en dit op te laten sturen via Panama naar Porvenir.
Aangezien dit wel een paar weken zal duren nemen we de tijd om de Nabagandup eilanden,  Dummat en Pipigua, te onderzoeken. Deze twee zustereilanden verbonden door een loopbrug hebben afstand genomen van de Kuna cultuur. Rieten hutten en betonnen woningen staan kriskras door elkaar en op de daken is het een wirwar van elektriciteitskabels en antennes. Overal dreunen, de beat van muziek en de stemmen van televisiecommentatoren ons tegemoet. Door deuropeningen ontwaren we voor het eerst dikke Kuna’s in hangmatten, starend naar TV schermen. Een enkele oudere vrouw loopt nog in klederdracht, de meeste vrouwen dragen t-shirts en spijkerbroeken. Hier en daar zijn kleine winkeltjes. Wat verschrompelde groente, bier, cola en chips en in één winkeltje zelfs pasta compleet met gratis proteïnen van krioelende torretjes. Een paar jongens zijn aan het werk in een aankomend kerkgebouwtje naast de bank. Een heus bankgebouw, gesloten weliswaar en zonder geldautomaat maar toch. Colombiaanse houten handelsschepen varen af en aan. Alles is te bestellen zolang er maar wordt betaald.

We voelen ons verdrietig en triest terwijl we de ‘vooruitgang’ aanschouwen. Is dit de toekomst voor Kuna Yala?
Maar ja, wie zijn wij? Vanuit ‘rijkdom’ is het makkelijk om te kiezen er geen gebruik van te willen maken maar mag je van mensen die nog niet in die ‘luxe’ positie zijn geweest, verwachten dat ze afzien van dat wat in hun ogen nu het walhalla is? Ervaring maakt wijs en ondertussen zien we de ‘vooruitgang’ met lede ogen aan.

Rio Nergala, de hier uitmondende rivier biedt volgens medezeilers een goede zanderige oever om kleding te wassen. Een mooie afleiding uit de somberheid al nemen we dit keer wel insectenspray mee. Kriskras om gezonken boomstammen en wortels heen zoeken we onze weg met BB langs overweldigende groen. We passeren een Kuna begraafplaats met rieten dakjes boven de graven. Aangezien deze plaatsen heilig zijn voor de Kuna’s stoppen we niet. Her en der zien we aangeplante bananenbomen en maïs en overal peddelen Kuna’s op weg naar of terug van hun bouwgronden. Het is prachtig en stil, zelfs de vogels zwijgen in de middaghitte. De beschreven wasplaats ligt in een bocht. Prachtig wit zand waar de rivier helder langs stroomt.
Zwemmend en wadend wassen we spelenderwijs kleren en lakens die we hoog in het water gooien en een eind lager weer oppikken. Op deze manier is wassen gewoon een leuk spelletje. Bij terugkomst op de ankerplaats wordt ons gevraagd of we nog krokodillen hebben gezien? Krokodillen, zitten die daar dan? Oef als ik dat geweten had,……………….. had ik beslist niet zo  relaxed rond gedobberd.

Binnenkort is het feest in Kuna Yala.  Op 24-februari wordt de
nu 85 jaar geleden bevochten  onafhankelijkheid van Panama
gevierd. Vooral op Isla Tigre wordt de revolutie viering groots
aangepakt en vorig jaar werd de avond voorafgaand aan het feest een uitgebreide uitleg voor buitenlandse bezoekers gegeven.
We zijn beslist niet de enige geïnteresseerden blijkt al snel als we op de aangegeven plek willen ankeren. Noem het maar rustig vol! We scharrelen helemaal naar achteren over een zanddrempel en liggen opeens helemaal alleen bij het uiteinde van het eiland met onze kont bijna op het strand en dus midden tussen de Kuna toiletten.  De aldaar wonende kinderen zijn duidelijk niet gewend aan een zeilboot in hun achtertuin en kunnen er geen genoeg van krijgen ons aan te roepen. Pas als we ze ruim tien minuten aan een stuk negeren pikken ze hun eigenlijke spel in hun houten ulu weer op en vergeten ze dat we er zijn.
’s Avonds worden we door de Saila (het dorpshoofd) ontvangen in de congresso, (het dorpshuis). We zijn met ruim twintig buitenlanders, zijn gasten voor de komende dagen en welkom om overal bij te zijn. Voor $2.= per fotocamera en $10.= per filmcamera mogen we tegen de normale gang van zaken in, de hele dag alles
fotograferen wat we willen en dit alleen al biedt geweldige mogelijkheden.  Na een korte uitleg krijgen we alvast een voorproefje in de vorm van de generale repetitie en dan naar bed want morgenochtend worden we precies om half zeven op het plein verwacht waarbij ons wordt verzocht iets roods te dragen in het teken van de revolutie.

Isla Tigre - 24 februari 2010
Het is waarschijnlijk te vroeg voor de haan want die horen we niet als we met kleine oogjes aantreden in het schuchtere licht van de nieuwe dag. Rond het ‘plein’ voor het dorpshuis zijn houten banken geplaatst aan weerszijde van een op palen geplaatst bordes voor de hoogwaardigheidsbekleders. Naast de Saila die we gisteravond hebben ontmoet, zijn er  Kuna ‘ministers’ van de overkoepelende congresso en andere voor ons wat onduidelijke heren waaronder een albino compleet
in jacket met hoge hoed en op blote voeten.
In Kuna Yala leven veel albino’s. We hebben totnogtoe hoofdzakelijk kinderen gezien, allen goed beschermd tegen de zon met speciale hoeden met nek bescherming en hemden met lange mouwen.

Na een algemeen welkom in Jule (de Kuna taal) van de Saila worden we getrakteerd op traditionele dans waarbij de vrouwen in hun kleurrijke klederdracht het ritme slaan met de sambabal en de mannen de melodie weergeven op panfluiten terwijl ze in trage cirkels om elkaar heen draaien.
Een aantal kinderen dansen daarna met serieuze koppies de oogstdans waarbij ze, speciaal voor deze dans gekleed en beschilderd, de voorwerpen die ze graag willen afdwingen al dansend met zich meevoeren.

Na een aantal dansen geeft de dorpsleerkracht een uitgebreide uitleg over hetgeen er vijfentachtig jaar geleden heeft plaatsgevonden waarna de geschiedenis in een drie uur durend spektakel wordt nagespeeld.
Het gehele dorp dient als decor, overal voor hutten worden Kuna’s opgepakt en afgevoerd door brute, Panamees geüniformeerde, soldaten.
De onderdrukte Kuna mannen en krijsende jammerende Kuna echtgenotes spelen hun rol dusdanig overtuigend dat bij de oudere toeschouwers de tranen over de wangen lopen terwijl bij de kleintjes hun ogen bijna uit hun kassen rollen van verbazing. Een drie uur durende geschiedenisles die nooit meer wordt vergeten! Gelukkig keert na het vloeien van al dat nepbloed eindelijk het tij en zegevieren de
dappere Kuna strijders die de soldaten gezamenlijk verdrijven.

De viering wordt beëindigt met de chicha ceremonie. Deze ode aan de goden wordt uitgevoerd door een gedeelte van de dorps-bevolking waaronder de ouderen. Door het drinken van een zelf gestookte drank, gemaakt van suikerriet, water, koffie, cacao, en andere geheime ingrediënten, zoeken ze contact met het godenrijk in de vorm van een trance.
We worden allen uitgenodigd in het dorpshuis waar nu een duidelijke scheiding is tussen de mannen en de vrouwen. In het midden zitten de dorps-oudsten op speciale houten bankjes, dwars zodat ze zowel de mannen als de vrouwen aan hun zijden kunnen zien.
Tegenover deze mannen zitten twee jongere mannen met aan hun voeten het vuur dat gebruikt wordt om een soort pijp aan te steken die steeds afwisselend wordt aangeboden aan de dorps-oudsten. Roken ze tabak of marihuana? Dit blijft onduidelijk.
Terwijl de twee aangevers ritmisch kreunend ademend met hun voeten op de grond stampen in hetzelfde ritme, halen ze de chicha in een kalebas en bieden deze vol eerbied aan, aan de saila’s. Nadat de oude heren hebben gedronken gaan de kalebassen rond en wordt de drank door alle aanwezigen, zowel mannen als vrouwen gedronken. Direct daarna gaat er een bak snoepjes rond om de smaak te verdrijven.
Terwijl er in het dagelijks leven niet zichtbaar gerookt wordt door Kuna’s, rookt nu iedereen. Verschillende vrouwen roken pijp. Iedereen zonder pijp rookt sigaretten.

Mannen en vrouwen zitten gescheiden en voeren de rituelen gescheiden uit waarbij de vrouwen de mannen kopiëren. Het roken en drinken gaat onafgebroken door totdat de goegemeente in ‘trance’ raakt, of moet ik het dronken/stoned noemen?
Terwijl de emoties dichter aan het oppervlak komen, blijven de aangevers in het al eerder genoemde ritme steunen en stampen terwijl ze de ouderlingen bedienen. Zodra ze hiermee klaar zijn worden zij weer door anderen bediend.
Na een uurtje laten we de gemeenschap alleen met hun viering, onze magen knagen.
Als ik aan het eind van de middag nog even ga kijken, liggen de meeste vrouwen in kleurrijke kluitjes tegen elkaar aangeschurkt en terwijl ze in lange tirades met elkaar van gedachte wisselen, biggelen bij velen de tranen over de wangen. Bij de mannen gaat het er individueler en rustiger aan toe.
Naast het feit dat mijn Spaans beslist niet goed genoeg is om te informeren naar het wel en wee van sommigen, voelt het voor mij als buitenstaander niet gepast om in dit stadium nog om uitleg te vragen. Ondanks mijn hoofd vol vragen laat ik ze met rust en keer terug naar de Raaf.

Tegen het einde van de dag leggen we Witte Raaf bij het twee mijl verderop gelegen Paguadup voor anker. Terwijl de schemer oprukt komt een reusachtig groot wit tupperware motorjacht vlak bij ons liggen. De twee witte grote satelliet antennes prikkelen onze fantasie. Zouden ze internet aan boord hebben? Volgens onze computer wel maar het is beschermd met een code. Nee heb je, ja kun je krijgen dus voor ik het weet is Jan onderweg met BB. Een kwartier later komt hij glunderend terug. Niet met de gewenste code, dat kon niet in verband met privacy bescherming, maar wel met drie prachtige loei grote al gefileerde moten dorade en tonijn. Voor ons, koelkastloze blikvreters, een ware traktatie.

Paguadup > isla Tigre > Waisaladup bij Green Island - 26 februari 2010
De Nabagandup eilanden hebben ons verder niets te bieden dus we besluiten terug te gaan naar Waisaladup bij Green Island. Nu we gewend zijn zonder koelkast te leven vinden opeens allerlei andere zaken ook dat ze recht hebben op vakantie. Zo houdt de buitenboordmotor er mee op, levert de windgenerator opeens geen stroom meer, krijgt de generator de hik van vuil in de diesel en ga zo maar door. Hoebedoelu, wat doen jullie zo de hele dag? We zouden er overspannen van raken!

Daarnaast worden we ondanks dat de regentijd nog niet is begonnen al een week lang  getrakteerd op elkaar opvolgende fronten met veel wind en regen. We weten niet of dit ter bevestiging van onze stemming is of juist de oorzaak ervan.
Gelukkig biedt het radionet uitkomst. Op de beschreven problemen komen van verschillende schippers suggesties en één voor één worden de problemen getackeld en om te voorkomen dat ons leven aan boord teveel op werken gaat lijken voeren we een vier- tot vijfurige werkdag in met een vrij in te vullen zondag, te herkennen aan eieren met spek want jawel spek hebben we nog.

Tijdens het snorkelen vlak bij Witte Raaf ontdek ik een nog jonge Atlantische rog die ik graag wil filmen. Het water is vandaag niet echt helder door het onrustige weer van de afgelopen dagen maar als ik dicht genoeg bij hem kan komen moet het lukken. Tenminste dat was mijn gedachte toen ik hem op zo’n halve meter afstand achtervolgde. Totnogtoe heb ik de ervaring dat roggen zich niets van me aantrekken en als ik naar hun zin al te dicht bij kom, gaan ze er vandoor gaan. Deze verrast me daarentegen door opeens met een scherpe draai met zijn neus naar me toe op de bodem te gaan liggen. Aangezien het hier maar zo’n halve meter diep is, ligt hij dus opeens vlakbij en in plaats van dat hij wegzwemt komt die gek opeens met zwiepende staart recht op me af. Eerlijk is eerlijk ik mag dan wel minstens zes keer groter zijn dan hij maar echt gerust voel ik me niet met dit gedrag. Achteruit dus wat lastig is met mijn te grote flippers aan mijn voeten. Iedere keer als ik me eindelijk een halve meter achteruit heb gewerkt volgt hij me met dezelfde afstand. Wie bekijkt nu wie? Ik besluit hem met rust te laten maar dat blijkt een eenzijdig besluit want hij blijft me volgen. Toch maar even het water uit tot hij me vergeten is.
Terwijl ik terugzwem naar Witte Raaf blijft ik regelmatig achterom kijken. Nu moet ik niet alleen oppassen voor de krokodil die hier in de omgeving blijkt te wonen maar ook voor een doorgedraaide rog. Mooie boel is dat voor zo’n held als ik!

Na een telefoontje uit Panama dat ons koelelement binnen is, gaan we anker op naar Porvenir. Na verschillende bezoeken worden we onthaald als oude bekenden en ‘s avonds genieten we van een etentje buiten ‘de deur’.  
Jammer, het element is per ongeluk naar Nabagandup gestuurd maar na twee dagen hebben we het aan boord.

Porvenir > East Lemon Cays - 19 maart 2010
Pierro onze Italiaanse koelkastman ligt in de East Lemmon Cays en drie dagen later drinken we ons eerste eigen gekoelde biertje sinds weken.
East Lemon Cays > West Lemon Cays - 22 maart 2010
Via via horen we dat er op isla Elefante bij de West Lemmon Cays een slimme Kuna woont die een satellietschotel heeft geleast en daarmee internet aanbiedt.
Na twee internetloze maanden klinkt dit zeer aantrekkelijk dus trekken we vijf mijl westwaarts. Ondanks dat er vrij veel schepen liggen en het midden van de eerste baai te
diep is om goed te kunnen ankeren vinden we een mooi plekje.
Isla Elefante is een klein eiland met twee rieten hutten waarvan er een bewoond wordt door de familie van Alberto en de andere in de vorm van een rieten overkapping, beschikbaar is bezoekers. Speciaal voor de internetters wordt er momenteel een donkere  ruimte gecreëerd, donker genoeg om tekst op een beeldscherm te lezen. Tussen de bamboestokken waaruit het wandje bestaat, steken een aantal kabeltjes die ingeplugd kunnen worden in de laptop.
Oké het is beslist geen snelle verbinding maar het enige dat iedereen hier heeft is tijd dus inpluggen en afwachten. Ondertussen bouwen de jongens een soort barretje waar een vrieskist komt te staan voor bier en frisdrank. De ontwikkeling slaat ook hier razendsnel om zich heen en triest genoeg zijn we er nu opeens blij mee. Hoezo hypocriet?

We halen de mail binnen en zo nu en dan is de verbinding snel genoeg om te skypen. Heerlijk om weer even geliefde stemmen in onze oren en zelf een kort kiekje van Lieke. Wat groeit ze hard!

Door de internetvoorziening en het barretje heeft de West Lemmon Cays opeens een enorme aantrekkings-kracht op zeilers en al snel is het een geliefde ontmoetingsplek.
Op een dag wapperen er vier trotse Hollandse driekleuren naast elkaar in de baai. Linea, Talagoa, Witte Raaf en Baros liggen prachtig op een rijtje voor het strand van Tiadup.

West Lemons > Porvenir - 2 april 2010
Irene staat Stand-by en Connie heeft de vlucht naar Panama met zekerheid. We krijgen dus minstens een loge en hopelijk twee. We hebben voor beiden alvast een plekje gereserveerd op de lokale vlucht van Panama naar Porvenir omdat we niet het risico willen lopen dat de vlucht in verband met pasen is volgeboekt.

3 april 2010
Niet gelukt Reen, super jammer! Om half zeven vanochtend rolt Con bepakt
met een onvoorstelbare vracht Nederlandse lekkernijen het lokale
propellervliegtuigje uit en een uurtje later zitten we op ons gemak aan de koffie in de kuip van Witte Raaf.

Na even bijkomen brengen we eerst met BB een bezoek aan het hier vlak bij gelegen Wichubhuala voor een paar boodschappen en Nalunega zodat Connie in ieder geval een indruk heeft kunnen opdoen van een vriendelijke Kuna gemeenscahp. Integreren bleek geen probleem want voordat ik het wist speelde ze basket bal met de lokale jeugd.  Aangezien ze maar drie dagen heeft en we haar zoveel mogelijk willen laten zien, tuffen we ‘s middags nog op ons gemakje richting East Lemon Cays waar zowel snorkel mogelijkheden als strand zijn.  

Hoe decadent is het om op eerste paasdag met een paasboterham in de hand, uit te kijken op prachtige palmboom-eilandjes omringd door azuurblauw water, vanuit je eigen kuip? We voelen ons rijk en genieten
optimaal. Na een zeer uitgebreid paasontbijt eerst yoga onder de palmen en daarna met BB naar het ideale schipbreukeling eilandje een eindje verderop.
‘T ja als het gezellig is is het nooit lang genoeg! Veel te snel moeten we terug naar Porvenir waar we in alle vroegte Connie weer toe vertrouwen aan de lokale piloot van Air Panama. Dag lieverd, dank voor alles en graag tot een volgende keer.

Porvenir > West Lemons - 5 april 2010
Verschillende zeilers blijken begenadigde muzikanten en al snel vormen zich spontane jam sessies die door regelmatige oefensessies uitmonden in muzikale wondertjes. Steeds meer schepen laten zich verleiden naar de West Lemon Cays te komen en op de avonden waarvoor een optreden is aangekondigd liggen er soms zo’n vijftig schepen in de baai.
Gitaar, mondharmonika, viool, en vocale uitschieters onder het genot van een meegebracht hapje bereid op de BBQ en een koud drankje uit de ‘bar’ met uitzicht op palmbomen en helder blauw water!  Het moet niet gekker worden.

Het wordt steeds lastiger om hier weg te komen, maar aan alles komt een einde, zowel Talagoa  als wij moeten westwaarts om ons voor te bereiden op onze vakantie in Nederland en Linea gaat oostwaarts terug naar haar thuisbasis in Curaçao.

22 april 2010
Na een bezoek aan Soledad de Meria waar we een hele dag bezig zijn voordat we onze watertanks vol hebben met kraakhelder Panamees bergwater en een bezoek aan Porvenir waar we onze cruising permit voor drie maanden verlengen, zeilen we op een prachtige heldere dag naar het veertig mijl verderop gelegen isla Grande.
Na maanden van nutteloos achter de Raaf aanslierten heeft ons blauwe nep-aas inktvisje op open water eindelijk weer de benodigde aantrekkingskracht en we vangen zowel een mooie Spaanse makreel als een tonijn. Joepie eindelijk weer eens verse zelfgevangen vis!

Ondanks die mooie glanzende verse vissenlijven in de koelkast zijn we niet van ons voorgenomen plan af te brengen en net na zonsondergang zitten we samen met Ria en Waldy op het terras van een klein Frans restaurant waar ze, naar horen zeggen, uitstekende steaks serveren. Tja de Europese prijs veroorzaakt achteraf misschien wel even een schok maar op de kwaliteit van het vlees en het andere lekkers valt niets aan
te merken. Na drie maanden scheepsbeschuit is dit ware topklasse!

Aangezien het bij Isla Grande soms wat schommelt, besluiten Jan en ik te verkassen naar het ernaast liggende Linton Bay. Waldy en Ria blijven liggen want voor Sarah hun lieve zwarte labrador is het vlakbij gelegen strandje een mooie zwemplek.
Vanuit Linton bay is er een prachtige route voor de dinghy door een met mangroven overgroeit tunneltje naar Panamarina, de marina waar we Witte Raaf tijdens ons bezoek aan Nederland willen achterlaten.
De marina heeft geen steigers. Ieder schip ligt aan vier lijnen die in de bodem verankert zijn. Het clubgebouwtje biedt naast een kantoortje, echte douches, internet, een restaurant met Franse keuken EN een heuse was- en droogmachine.

Terwijl we, volkomen omgeven door mangroven en regenwoud waaruit regelmatig het aanzwellend gebrul brulapen opklinkt, keurig aan de boeien liggen, halen we tussen de buien door, de voorzeilen omlaag en zetten het verlengde zonnescherm op.
Alles moet schoon en voor het eerst sinds tijden kunnen we batterijen en ander niet te verbranden materiaal van boord verwijderen. Ondanks een geduchte planning komen we zoals altijd toch weer tijd tekort.  Waldy en Ria vertrekken een paar dagen laten. Zij zetten ons aan de wal waar de taxie op ons wacht die ons in drie uur naar de luchthaven brengt. Nederland we komen er aan……………………………………………