Startpagina.
Reisverslagen.
Het schip.
Wie zijn wij.
Het plan!.
Contact.

Verslag 2 > De Engelse zuidkust (1)


Dover > 1 en 2 juni 2006       
Dover is een stop-over die vooral Jan met liefde zal vergeten. Maar ook zelf heb ik er weinig spannende ervaringen opgedaan, buiten het feit dat ze leerzaam waren.
Na de negentien uur durende overtocht van ons kikkerlandje naar het Britse koninkrijk was het goed rusten, althans voor de vaste slapers onder ons en laat mij dat lot nu beschoren zijn. Heerlijk!
Jan is in dit opzicht altijd het haasje want hij wordt direct wakker als er een alarm af gaat of de geluiden afwijken van de standaard. Na een ‘wake up call’ van de wekker die niet uitgezet was, mijn mobieltje dat ik vergeten heb uit te zetten en een daarop volgend gas-alarm, heeft het bed niet voldoende aantrekkingskracht meer om hem terug te lokken.
In plaats daarvan besluit hij zijn thuis ontworpen ‘pour man’s wifi’ antenne uit te proberen om te kijken of we op internet kunnen komen. Zijn antenne bestaande uit; een driepoot voet, een holle roestvrijstalen buis waar het snoer doorheen loopt, een klein schoteltje aan het uiteinde met in het midden een bevestigd wifi-stickje, wordt vol verve op het kajuitdak gezet zodat het snoer via het openstaande raampje naar de computer kon worden geleid. Belangrijk om te vertellen bij deze gebeurtenis is dat we ‘sur le moment suprème’, in de buitenhaven voor anker liggen. In deze haven arriveert /vertrekt iedere tien minuten een ferry van/naar de overkant. Bijkomend verschijnsel is een flinke deining bij uit- of invaart. En daar zit het addertje.
Terwijl Jan de kajuit inloopt om het snoer aan de computer te bevestigen, vertrekt de Sea France en ………… plons = water = weg antenne.
Alleen mensen die Jan ooit echt bedroefd hebben gezien weten hoe hij er aan toe was toen hij me wakker kwam maken. Mijn opbeurende opmerking, “kom we gaan hem opvissen” was oprecht edoch je hebt van die dagen dat je beter in bed kunt blijven en dit was er typisch een voor Jan.

De grote vishaak, verzwaard met een oude Bakoe, werd overboord gegooid om te dreggen. Jammer dat het touwtje om hem weer binnen te halen, nog niet vast zit! Maar goed, niet getreurd, alleen meer om op te vissen. De Bakoe is van ijzer dus die moet reageren op de grote magneet die we van Goos en Mootje hebben gekregen.
Jan gaat er enthousiast mee aan de slag maar komt na een half uurtje beteuterd terug, de magneet zit vast, ergens onder de boot en hij krijgt hem niet boven water!

Ondertussen hebben we ontdekt dat de bilge, dit is een ruimte onder de vloer, vol staat met zeewater. Naar alle waarschijnlijkheid komt het water via de ankerkluis, dit is een ruimte in de boeg van het schip waar de ankerketting in ligt, via slinkse wegen binnen als we flinke rollers over dek krijgen en die hebben we tijdens de overtocht wel gehad.
Nu heb ik in deze bilge, keurig in plastic zakken, de blikken met vlees gestouwd. Op zich prima want blikken mogen nat worden en het plastic eromheen voorkomt roest, dus ‘so far, so good’ Jammer alleen dat ik er nog niet aan toegekomen was om met watervaste stift op de blikken te noteren wat er in zit want de etiketten liggen als natte knoedeltjes onderin de zakken als ik ze eruit haal.
Ons avontuur kent dus niet alleen onbekende vertes maar vanaf nu ook verassende maagvulling!
Ook onder de overige vloerdelen blijkt water te staan waarin de kaas, de zakken wijn en de pakken melk rustig liggen te deinen. Gelukkig doet de bilgepomp het grote werk dus wat overblijft, is het afspoelen en drogen van alles. Schade, twee zakken wijn, de kaas en de kaasfondue, die zich tijdens de overtocht
hebben opengehaald aan scherpe kantjes.

Tijdens dit klusje kan ik rustig moed verzamelen voor de operatie magneet die nog in het verschiet ligt. Jan heeft een ‘mooi weer, warm water’ wetsuit en mijn wetsuit is berekend op surfen op Nederlandse wateren dus hoe vervelend ook, het lijkt logischer dat ik te water ga.
Ik had nooit gedacht nog eens blij te zijn met mijn extra kilo’s maar toch. Mijn wetsuit heb ik aangeschaft toen ik drieëntwintig was en zevenenvijftig kilo woog.
Nu met het dubbele aantal, aan jaren wel te verstaan, past het pak me nog steeds al zit het hier en daar wel erg strak. Heerlijk blijkt al snel want daar waar geen ruimte over is kan geen water komen.
Over de temperatuur van het water hoef ik verder niets te vertellen al raad ik iedereen af om het al te proberen.
Ons nieuwe zwemplateau blijkt een uitkomst want vanaf daar rustig via de zwemtrap afdalen is een stuk comfortabeler dan met de kikkersprong. De magneet blijkt zich als een bloedzuiger vastgezet te hebben op het roer maar doordat het touwtje zich tussen het roerblad en de romp heeft vastgeklemd was dit de enige manier om hem terug te krijgen. Een warme douche, voor jullie een normale dagelijkse exercitie voor ons een luxe, is zeker na zo’n operatie een enorme weldaad.

In de jachthaven van Dover blijkt een technisch bedrijf te zitten dat tijd heeft om naar onze stuurautomaat te kijken. Maar als je anker op gaat hoe vind je dan je ankerplek terug als je nog wilt dreggen? Dus eerst het ankertje van de dinghy met het ankerboeitje overboord en daarna naar ‘binnen’.
Rustig wachtend aan het steiger ontdek ik tot mijn verdriet dat het water niet alleen onder de vloer is geweest maar ook via de wand in de bakboord banken en voorpiek. Dit betekent dat alles dat ik er de voorgaande dagen zo keurig in gestouwd heb er weer uit moet om te drogen. Pas dan kan ik de schade nader bepalen. Onze keurige raaf veranderd alras in een zwervers schip waarop de meest vreemde attributen over het dek verdeeld liggen om te drogen.
Achteraf gezien valt het nog mee maar op dat moment kan ik niet worden opgevrolijkt, hoe hard Jan ook zijn best doet. Is dit het leven van een zeezeiler?

Het broodmeel, vierentwintig zakken van twee kilo, blijkt alleen van buiten vochtig. Direct leren van voorgaande fouten dus, de vacuümzakken en het sealapparaat op tafel en sealen maar. Drie uur later en
een paar ‘stalpoten’ rijker kan het water ons, ons overheerlijke bruine brood niet meer afnemen.
Rond vijf uur komt de monteur die binnen de kortste keren het lek boven heeft in de vorm van een haarscheurtje in een hydraulische leiding. Binnen twee uur is het euvel verholpen.
We besluiten om vannacht in de haven te blijven overnachten en pas morgen weer naar buiten te gaan
zodat alles nog even rustig kan drogen voor het weer gestouwd wordt.
Joepie, internet in de haven, heerlijk even berichtjes checken en bellen via de computer.

Na de volgende ochtend water te hebben getankt en het afval weggebracht te hebben keren we terug naar ons ankerplekje van gisteren. Ons boeitje ligt er nog en Jan heeft gistermiddag de dinghy opgepompt dus die gaat overboord. Met de buitenboordmotor erop, voor roeien staat er teveel stroom, en gewapend met een dreglijn met ankertje stropen Jut en Jul uit Holland de baai af. Dit blijkt in aanvang nog helemaal niet eenvoudig, vooral ook doordat er steeds kleine zeilbootjes onze dregkoers kruisen. Na een uurtje of wat ga ik koken maar Jan weet van geen ophouden. Ook na het eten blijft hij zoeken. Ondanks dat het water om ons heen bruin kleurt van het omgewoelde slik waaruit blijkt dat we de bodem omploegen, wordt de zo waardevolle antenne niet gevonden. “Morgenochtend ga ik nog even”, zijn de woorden van mijn verkleumde schipper als hij eindelijk aan boord komt.

Dover > Brighton - 03-06-2006
Vandaag gaan we door naar Brighton. Jan heeft vanmorgen nog een aantal uren gedregd maar is onverrichter zake teruggekeerd. Er zit niets anders op dan onderweg de benodigde attributen voor een nieuwe antenne bij elkaar te sprokkelen. Tot die tijd zijn we voor het internet afhankelijk van jachthavens. Jan heeft gisteravond tijdens een manoeuvre met de dinghy langs het zwemplateau, zijn rug lelijk gestoten aan de zwemtrap en hij beweegt zich vandaag als een stoer doch voorzichtig ‘oud’ mannetje waaruit regelmatig oh’s en ah’s opklinken. Zelf voel ik een aantal spieren waarvan ik het bestaan al heel lang niet meer wist dus de twee krakkemikjes gaan samen op pad. Inslingeren noemen ze dat geloof ik.

De dinghy hijsen we op het voordek aan boord en wordt daar met provisorische banden op zijn kop over het reddingsvlot vastgezet. Vandaag ga ik goede banden maken om hem te borgen aan de voetreling.
De buitenboordmotor takelen we met een touw aan de beugel omhoog en deze gaat achterop aan de hekstoel. Onderdeks alles zeevast gezet, alle ramen en afsluiters dicht en gaan met die banaan.
Het is prachtig weer. Met een glad zeetje en een windje 2/3 uit het zuidoosten varen we uit. Dit is niet conform de voorspelling maar dat mag de pret niet drukken, we gaan verder. Na een stukje op de motor zetten we grootzeil en genua, (dit is het grote voorzeil) en dan is er rust. Dit is zoals het leven van een zeiler bedoeld is!
Ondanks dat het fris is en soms wat heiig, genieten we beiden met volle teugen. Er is opeens tijd voor kleine klusjes in de kuip, onder het genot van een kop koffie.
Onderweg ontdekken we dat het hydraulische probleem is opgelost maar dat we nog geen gebruik kunnen maken van de afstandsbediening voor de stuurautomaat. Waar je al geen afstandsbediening voor hebt. In feite natuurlijk een luxe probleem want we kunnen de automaat bedienen vanuit de kajuit maar dan moet
je steeds naar binnen voor een koerswijziging en dat is vergelijkbaar met tv kijken waarbij je iedere
keer op moet staan om even te kunnen zappen.
Uit vroegere ervaringen weten we dat er in Brighton een bedrijf zit dat gespecialiseerd is in deze apparatuur dus besluiten we nu alvast dat we een dagje overblijven aldaar om dit euvel te laten verhelpen. Tegen schemer leggen we aan in de moderne jachthaven van Brighton waar tot onze verbazing geen draadloos internet aanwezig blijkt. Nog even wachten met ons bericht over Dover dus want we krijgen geen verbinding.

Brighton - 04-06-2006
’s Ochtends onze automaat afgegeven en daarna in een watersportzaak onze mail gecheckt. Heerlijk al die berichtjes van jullie in het gastenboek en in de mail. Hierdoor lijken jullie zo dichtbij. Mochten jullie vragen hebben of onduidelijkheden, geef dit dan gerust aan, dan kunnen we daar op reageren in onze berichtgeving of via een persoonlijke mail. (als we tenminste op het net kunnen komen)

In Brighton centrum hebben we ons heerlijk vergaapt aan de enorme variatie van mensen en ondertussen zijn we op antenne onderdeel jacht. Het verlengsnoer voor de wifi hebben we ondertussen te pakken maar een klein schoteltje of iets dat daarvoor door zou kunnen gaan blijkt lastiger. Daar doen de Engelsen niet aan.
Als ware toeristen natuurlijk even de pier opgeweest waar we een Chinees bamihapje wilden eten. Met vork dus geen probleem zou je denken.
Ik, die er altijd van uitging dat al het goede van boven komt, ben daar op die toeristische pier van mijn geloof gestort. Het ene moment heb ik mijn bakje nog rustig in de hand en verheug ik me op mijn eerste hap, het volgende moment voel ik iets in mijn haar waarna mijn bakje op ruwe wijze uit mijn hand geslagen wordt door een meer dan grote meeuw die direct daarop volgend een bocht rechtsomkeert maakt om al ‘lachend’ mijn maaltje met een paar happen naar binnen te werken. Jan stelt grijnzend vast dat deze meeuw waarschijnlijk al die tijd boven mijn hoofd heeft zitten wachten en alle tijd had om juist mij als zijn slachtoffer uit te kiezen. De Chinese kok kijkt gedurende dit hele schouwspel wijselijk naar zijn bakplaat en reageert zelfs niet als Jan een nieuwe portie bestelt. Zou hij hem getraind hebben? Terwijl we de pier verlaten zitten er overal meeuwen en gek genoeg lijken ze allemaal naar mij te krijsen. Alsof ze me stuk voor stuk uitlachen. Hoezo paranoia?
Terug aan boord flansen we met het verlengsnoer en de nieuwe wifi-stick een antenne in elkaar waarbij we de beschermkap van de ventilator gebruiken als schoteltje. Een prachtig stukje creativiteit maar zonder resultaat.  

Brighton > Cows - 05-06-2006
Het mooie weer houdt aan dus kiezen we al vroeg het ruime sop richting, Isle of White, met als doel Cowes, een watersport paradijs waar veel internationale wedstrijden worden gevaren.  
De wind is ons goed gezind eerst ZO 3 later ZW 3. Alle zeilen worden uit hun jasje gehaald en al snel varen we zo’n 6.5 knoop over de grond. Volgens planning veel te snel want we hebben ons vertrek zo berekend dat we in de Solent, de vernauwing tussen de Engelse kust en the Isle of White, stroom mee hebben maar als dit zo door gaat, kunnen we daar nog lachen.  
De vislijnen komen voor het eerst aan dek en zodra de stroom kentert en we wat minder hard gaan, makrelen zwemmen niet zo snel, halen we onze eerste vangst binnen. Dat wordt roken vanavond. Acht makrelen later, waarvan we er zeven aan dek krijgen en eentje schoon gemaakt en wel alsnog als filetje het ruime sop kiest, krijgen we in de ingang van de Solent, (inderdaad door het kleine gaatje, Jan Kemp) zoals verwacht de stroom vol tegen waardoor we nog maar een halve knoop voorwaarts gaan maar zolang we niet achteruit gaan houden we vol. Althans dit voornemen blijft tot de wind het helemaal af laat weten en we
de laatste twee uur toch nog gedwongen op de motor moeten varen om überhaupt aan te komen.
Op zo’n twee mijl voor Cowes gooien we ons anker uit in een baaitje met uitzicht op een prachtig Engels buiten waarna we ons rookmachientje op het achterdek zijn werk laten doen. Drie kwartier later glanzen de bruine makrelenlijfjes ons tegemoet maar aangezien het ondertussen bijna twaalf uur is, bewaren we
het oppeuzelen voor morgen.

Cows - 06-06-2006  
Tijdens het ontbijt in de kuip legt Jan me uit hoe ze vroeger bij de padvinderij zwart geblakerde pannen schoon kregen. Gewoon aan een touwtje in een stroompje hangen dan doet het bewegende water het werk! Dat kan ik ook dacht ik dus hang ik enthousiast de vette zwartgeblakerde rookbak en de roosters van de rookmachine aan een touwtje in het hier met drie mijl voorbij stromende water. Een kind kan de was doen!
Wassen misschien wel maar knopen blijkt toch een ander aspect.
Hoe kan het ook anders, ik heb het boekje splitsen en knopen van Maarten blijkbaar nog niet goed genoeg doorgenomen want al wat ik ophaal, geen machientje!
Op deze manier houden we weinig spullen over en worden we aardige vervuilers van de Engelse wateren.   
Hoe moet dat nu met al die makrelen die we nog willen gaan vangen. Heeft iemand nog goede recepten?

Rond twaalf uur besluiten we naar Cowes te gaan om te proberen ons verhaal over Dover op de website te plaatsen. We leggen onze Raaf vast aan een mooring, dit zijn speciale aanlegboeien die een mijl uit de kust, verankerd liggen aan de bodem. Per dinghy gaan we met onze laptop in twee plastic zakken als bescherming tegen het water, aan de wal.
Met een uitgestreken snuit wandelen we opgewekt de officiële Royal Cowes Yachtclub binnen. Dit soort Yachtclubs zijn uitermate sjiek en normaliter alleen toegankelijk voor members in jasje/dasje en hierop geklede wedstrijdgangers. Beslist niet voor twee verwaaide Hollanders dus maar met Jan zijn uitstraling en vanzelfsprekende ‘hier hoor ik houding’ worden we als vanzelfsprekend geaccepteerd en jawel ze hebben draadloze verbinding en jawel, natuurlijk mogen we daar gebruik van maken. Maar ay,ay,ay, nu is er verbinding maar geen Nederlands stopcontact en jammer genoeg ook geen verloopstekker dus zijn we weer terug bij af. In het hele dorp blijkt ‘1 stekkeromvormer te koop die niet sterk genoeg is dus niet voldoende ampère levert.
In de Marina heeft een Spanjaard de oplossing. Gewoon een schroevendraaier in de derde opening zodat er aarde gemaakt wordt en jawel, rond vijf uur kunnen we eindelijk ons bericht op het web plaatsen.
Hieruit blijkt hoop ik dat we echt ons best doen om jullie te berichten maar zolang we nog geen goed schoteltje hebben is dit soms moeizaam. De weg over water met wind blijkt makkelijker te bespelen dan de digitale snelweg. Morgen gaan we via de Needles naar Lulworth waar we in een volgens Jan schitterende baai kunnen ankeren.  

Cows > Lulworth - 07-06-2006
Bij vertrek uit Cowes is er geen wind te bespeuren dus kachelen we op de motor de Solent uit, richting de Needles. Dit zijn vier imposante recht uit zee oprijzende rotsen die door weer en wind uitgesleten zijn. Vroeger waren ze een onderdeel van de krijtrotswand terwijl ze nu als eilandjes huisvesting bieden aan allerlei zeevogels. Bij slecht weer moet je hier niet zijn volgens de Reeds, dit is onze nautische almanac, maar nu kunnen we ze tot dichtbij naderen.
Aangezien we van ‘om de hoek’ een beetje wind krijgen, hijsen we de zeilen en dobberen we richting Lulworth tot we benaderd worden door een ‘Safety Range Boat’ van de Britse marine die ons meldt dat we niet verder mogen in verband met schietoefeningen in het gebied. Voor anker dus en wachten tot ze uitgeschoten zijn, blijkt de enige remedie. Het is prachtig weer, zo’n 24 graden dus eindelijk met een boek in de kuip. Na een uurtje of wat mogen we verder, mits we een mijl uit de kust blijven. Hierbij worden we streng in de gaten gehouden tot we in Lulworth zijn aangekomen. Lulworth blijkt een uitsparing te zijn in de krijtrotsen waar je op afstand niets van ziet. Je moet gewoon op de kust afvaren en dan opeens openbaart het zich. Een liefelijk groen baaitje aan de rand van het schietoefenterrein. Hier horen we voor het eerst de machinegeweren ratelen. Het anker gaat er voor de tweede en vandaag laatste keer uit en we besluiten de last minute gemaakte zonnetent op te zetten. .
Het baaitje wordt bevolkt door een aantal vissers die er hun bootje hebben liggen en kleine huisjes
hebben aan het water. Morgen nemen we een rustdag en gaan we op onderzoek uit.

Lulworth > Torquay - 08-06-2006
Na een uitstekende nachtrust constateren we tijdens het ontbijt in de kuip, dat we in een omgekeerd schema zitten want vandaag staat er in tegenstelling tot gisteren aardig wat wind uit de goede hoek.
Zonde om er geen gebruik van te maken en daarbij veroorzaakt hij nogal wat deining waardoor we niet echt rustig meer liggen in ons lieflijke baaitje.Het bezoek aan de wal zal dus moeten wachten tot een ander keertje. Na een korte stroom check, dit betekend dat we berekenen of we op het juiste moment stroom mee hebben, blijkt dat als we direct uitvaren we op tijd langs Portland Bill kunnen komen. Dit is belangrijk omdat daar twee zeestromen elkaar tegen komen waardoor er nogal wat draaikolken en raar draaiende golven kunnen ontstaan als je er op het verkeerde moment langs komt. Deze kolkende zeemassa wordt in scheepvaarttermen  “race” genoemd.
Met een heerlijke wind, kracht 4/5 uit het oosten, varen we onder grootzeil en genua de baai uit. Vandaag geen schietoefeningen aan land dus we mogen zonder toezicht onze eigen koers bepalen. Op zo’n twee mijl afstand spelen ondertussen twee marine kruisers en een bevoorradingschip, oorlogje waarbij de losse flodders ons om de oren galmen maar daar hoeven we geen afstand van te houden. Misschien gebruiken ze ons wel als extra buitenlands target in hun spel, wie zal het zeggen.
De ‘ race’  valt, dicht onder de kust, erg mee al is hij verder uit de kust zichtbaar actief. Hoog opspattende golven en branding midden op zee, een raar fenomeen.  

Met stroom en toenemende wind (26 knopen) in de rug spuiten we voorwaarts. Met een uitgeboomde