Startpagina.
Reisverslagen.
Het schip.
Wie zijn wij.
Het plan!.
Contact.

Verslag 9 > De Portugese westkust (2)


“Excursie” Obidos
Na een uurtje, met een dubbeldekbus, waar we boven op de eerste rij kunnen zitten, worden we afgezet bij de grote toegangspoort van Obidos. Zoals beloofd blijkt het een betoverend stadje, bestaande uit wit gekalkte huizen die zijn opgesierd met helder geel, rood, blauw en of groene brede randen aan de onder- en zijkanten van de huizen. Obidos is helemaal omheind door een prachtige uit de veertiende eeuw stammende kasteelmuur met kantelen waarlangs Jan en Steef het pad helemaal rond lopen. In het dorpje lopen er kriskras, weggetjes en steegjes omhoog en omlaag. Voor Marianne valt het nog niet mee om met de door haar verfoeide krukken te stijgen en te dalen laat staan dat ze veilig met die onhandige dingen over het smalle kantelenpad kan lopen. Niet dus. We hebben voor dit bezoek een windstille prachtige dag uitgekozen waardoor de zweetdruppels al snel wedstrijdjes doen op onze ruggen. Na een prachtige wandeling door het dorp en over de antiekmarkt en een heerlijke lunch, bestaande uit gegrilde sardientjes en garnalen,brengt de bus ons keurig terug naar Peniche. Op weg terug naar de haven vallen we met onze neus in de ……….., een uiterst serieuze processie waarbij de beelden van de heilige Maria, de heilige Antonius, de heilige Cristoffel en nog een paar ondefinieerbare, die gisteravond langs gevaren werden nu door dezelfde bevolkingsgroepen op grote draagbaren worden teruggedragen naar hun respectievelijke kerkgebouwen.

Peniche > Berlenga isle – maandag 7 augustus 2006
De oceaan heeft tijdens ons oponthoudt in Peniche voldoende tijd gehad om te kalmeren dus vandaag gaan we kijken of we bij de Berlenga eilanden kunnen ankeren. Ondanks dat heeft Mar voor de zekerheid een paar zeeziekte pillen achterover geslagen voor ‘just in case’.
Vanaf het verlaten van de haven tot voorbij de kaap kunnen we zeilen, maar zodra we aan het kaapeffect voorbij zijn, wordt de deining sterker dan de wind waardoor we gaan slingeren. Voldoende reden om de motor bij te zetten, zeker ook omdat we het lot niet willen tarten.
Aan de oostkant van het grootste eiland, waar een prachtig kasteel midden in het water ligt dat alleen met een brug verbonden is aan land, wordt de deining al grotendeels opgevangen maar aangezien de ankermogelijkheden daar nog niet geheel duidelijk zijn en er nog maar een mooring vrij is, varen we naar de zuidzijde om te kijken welke mogelijkheden deze kant van het eiland ons biedt.
Zwit, die met ons mee opgevaren is heeft ondertussen besloten terug te keren naar Peniche om daar te overnachten.
Wind en water hebben ook aan de zuidzijde prachtige inhammen en grotten gevormd. Hier wordt de oceaan deining geheel opgevangen door het land maar het probleem hier is dat we niet voldoende (in)zicht hebben/krijgen, over de diepte en de bodemgesteldheid. Daarnaast varen hier alleen kleine bootjes en ligt er geen enkel ander schip voor anker. Voldoende reden om terug te keren naar het eerste uitgangspunt waar een jacht voor anker ligt en verschillende moorings liggen. Op de kaart hebben we twee net onder water liggende rotsen gezien en op de heenweg stond ik ook keurig conform onze aanvaarprocedure voorop om uit te kijken naar ondieptes. Maar op de weg terug verslapt in gesprek de aandacht en voor dat we het weten horen we opeens een angstaanjagend geluid van staal op steen. We schieten naar de reling, maar dat dient alleen nog ter bevestiging dat we een rots geraakt hebben. Als vanzelf schiet ik naar beneden om de bildge te controleren op eventueel binnenkomend water, terwijl Jan onze Raaf langzaam voorwaarts op koers houdt. Gelukkig, nergens water met uitzondering van een klein plasje naast ons aquariumluik. Hiermee is de keuze van Jan om bij het aanbrengen van de hydraulische hefboom, de vrije ophanging van de opklapbare kiel te handhaven, gelukkig gebleken, want in dit geval heeft alleen de kiel de rots geschampt en die kon vrij omhoog bewegen waardoor er verder geen schade is ontstaan. We komen er met een trillende knieën en een schuldgevoel naar onze Raaf, goed vanaf en zijn een ervaring rijker waar we beslist van hebben geleerd.
De vrije mooring is ondertussen bezet en het al voor anker liggende jacht heeft geen idee hoe de bodem eruit ziet. Op zich zouden we ons hier misschien niet zo druk over gemaakt hebben als we niet net het verhaal hebben gehoord, over een Duits jacht dat hier zijn anker is kwijt geraakt achter een stel rotsen en daarbij zijn preekstoel (dit is het stalen hekwerk op de boeg van het schip) zwaar beschadigd heeft.
Goede gezegdes als; “Goede raad is duur”, “wie niet waagt, die niet wint”, “niet geschoten is altijd mis”, “no guts, no glorie”, “wie het gebaande pad bewandeld, ontdekt nooit de kleur van het avontuur”, schieten gedurende het overleg door de kuip waarna we besluiten voor “no guts, no glorie” en ons nieuwe “Bruce Van Den Anker”anker vlak onder de kust bij het kasteel laten vallen.
Na een uurtje weten we zeker dat we vast liggen en gaat BBtje samen met de buitenboordmotor, (vanaf nu BBM) overboord. Hiermee varen we eerst door prachtige grotten onder de rots door naar de zuidkant van het eiland, waar we constateren dat het daar beslist te ondiep is voor onze Raaf om te ankeren. (juist besluit dus) Daarna gaan we via de natuurlijke ‘slotgracht’ naar het centrale aanlegpunt van het eiland waar de dagjesmensen zitten te wachten op de boot terug naar het vasteland.

Marianne heeft zich tot na het vaartochtje met BB overeind gehouden maar stort direct na het eten in en is onder invloed van de pillen direct onder zeil. Zodoende zit een gezamenlijk bezoek aan het Fort S. Joao Baptista, er niet meer in en wordt besloten dat Steef het figuurlijke fort bewaakt terwijl wij het letterlijke, bezoeken. Het originele fort stamt uit 1651 en heeft strijd geleverd tegen Noord Afrikaanse piraten en het heeft een aantal dagen stand gehouden tegen de Spaanse invasie waarbij het een Spaans schip tot zinken heeft gebracht met een van de negen aanwezige kanonnen. Het aanwezige garnizoen dan wel te verstaan. Heden ten dagen wordt het gebruikt als eenvoudig hotel voor waterliefhebbers. Een prachtplek voor kinderen want naast een aantal noodzakelijke gemakken, als stromend water en elektra d.m.v. generatoren, is er gekozen voor eenvoud en natuurbehoud waarbij bewustwording sterk wordt gestimuleerd.
Na dit bezoek, klauteren we gezamenlijk een gedeelte van de steile trap op waarna we samen kunnen genieten van de opkomst van de bijna volle maan in de langzaam vallende duisternis.
Jammer dat het zo snel donker wordt want voordat het echt donker is moeten we terug omdat we anders BBtje niet meer kunnen vinden.
Met drie man kunne we niet Catannen dus wordt er lekker gelezen en geschreven.

Vannacht is de wind die ons gisteravond netjes achter ons anker hield, compleet weggevallen. Hierdoor is onze Raaf dwars op de deining gaan liggen wat een forse slingering veroorzaakt. Zoals te verwachten heeft Mar nergens last van gehad maar voor ons was het een onrustige nachtje. Conform de planning staat Jan om half negen op, i.v.m. het geplande vertrek van negen uur maar hij is onverwacht snel terug. Terwijl hij achter me in bed kruipt, herken ik nog net het gemompelde woordje mist, waarna hij zich omdraait en inslaapt.
Buiten is het prachtig!. We zijn volledig omsingeld door de zwevende witte wieven en het enige dat zichtbaar is, zijn de vage contouren van de kasteeltorens. Sprookjesachtig en spooky tegelijk. Soms lijkt het even op te klaren en zien we zelfs de verderop geankerde Engelsen maar dat is van korte duur. Pas een uur later is het zicht voldoende om uit te varen. Wel conform de in de Ria Muros geoefende mist-procedure met uitzondering van de misthoorn signalen. Allereerst hebben we ontdekt dat het niet iedere minuut moet, maar iedere twee minuten en verder verwacht Jan hier in de buurt geen scheepvaart dus heeft toeteren weinig zin. Wel gaan de walky talky’s weer aan en sta ik buiten achter het roer, klaar om in te grijpen, terwijl Jan binnen in de kajuit achter de radar de signalen interpreteert die hij daarna via de walky talky aan mij doorgeeft.  Het cruiseschipachtige beeld van heel veel verdiepingen achtervolgt me nog steeds maar met uitzondering van een vette grijns kun je aan mij niets onserieus ontwaren. Ik was zelfs heel serieus.
Misschien wel een beetje TE want in mijn enthousiasme om direct op Jan zijn berichtgeving te reageren krijgt mijn arm misschien net ietsje teveel swung waardoor deze met hulp van een dikke roller (zeedeining) mijn walky talky overboord zwiept. Zwiepen is eigenlijk een te mooi word, het was meer een soort stuiteren waarbij ik hem bij iedere stuiter in gedachten nog redde terwijl ik hem fysiek alleen maar verstijft kon nastaren.
Mijn “eh, Jan”, wordt met een, “wat zeg je”, via zijn walky talky beantwoord. Op mijn tweede keer “euheuh, Jan”, nu vergezeld van een hopeloze blik, draait Jan zich wat verstoord om en houdt zijn blauwe vriendje omhoog met zo’n blik van, gebruik je walky talky nou. Pas toen hij mijn leeg omhoog gehouden handen zag viel het kwartje. Er zit niets anders op, we moeten gewoon weer naar elkaar toelopen als we elkaar iets willen zeggen. Leve de ‘life’ communicatie!

Vandaag staat er een lange trip op het programma want we moeten door tot Cascais. Voor de zekerheid heeft Marianne haar ritme van om de acht uur twee pillen voortgezet waardoor ze het grootste gedeelte van de reis slaapt. Ook Steef die tijdens ons hobbelige nachtje niet zo heel veel heeft geslapen gaat onder zeil, waardoor er tenminste iets onder zeil is want er staat geen zuchtje wind. Motoren dus.
Cascais heeft een grote, naar later blijkt prachtige doch zeer dure jachthaven en een ruime gezellige baai waar veel schepen voor anker liggen. Ook nu weer is het een zegen om te zien hoe geroutineerd Jan ankert terwijl ik achter het roer de signalen interpreteer en uitvoer die hij vanaf de boeg doorgeeft. Gaaf, we hebben steeds minder woorden nodig en zijn ondertussen dusdanig op elkaar ingespeeld dat we de verdronken Walky talky niet eens missen.
Zodra het anker ligt wordt de procedure; “gearriveerd, en dan;” ingezet. Dit houdt in dat: het log wordt ingevuld, de BB omhoog gaat zodat de dekramen open kunnen, de windhapper geïnstalleerd wordt, de afsluiters opengaan, de kussens de kuip ingaan, de zonnetent wordt opgezet, er een landingsdrankje wordt ingeschonken, de verrekijker aan dek komt (als deze er nog niet ligt) er gecheckt wordt welke schepen er zijn en of we er misschien een kennen vanuit een voorgaande haven of van de vertrekkersdag in Enkhuizen.
Na een uurtje komt Ben van Ocean Link even langs voor een praatje en waarschuwt ons en passant voor het gevaar dat de pier oplevert voor de bijbootjes die niet goed worden vastgelegd. Doordat het momenteel springtij is (volle maan) komt het water tot direct onder de stenen pier en passen de bijbootjes er niet meer onder. Op zich natuurlijk geen probleem als ze er niet onder liggen als het water omhoog komt maar dat kan zomaar gebeuren door de wind, dus is het belangrijk om ervoor te zorgen dat het bootje ook aan de achterkant vastligt.
Gelukkig hebben we het kleine ankertjes van mijn voegere zeilbootje meegenomen, dus kunnen we er met dit ankertje voor zorgen dat ons BBtje uit de gevarenzone blijft.
Op weg naar de wal nog even bij Zwit langs om ze te waarschuwen en daarna gaan we op onderzoek uit.

Een gewaarschuwd mens telt voor twee, dus zou je kunnen zeggen dat twee gewaarschuwde mensen minstens voor vier tellen toch? Toch blijkt dit niet voor iedereen op te gaan zoals bleek toen wij terug kwamen van een heerlijk diner op de wal. Op de kade, of beter gezegd, onder de kade ontwaarden we een volledig vastgeklemd doorgeknikt bootje van jawel, Zwit! Een aantal Portugese knullen hebben al geprobeerd om hem los te krijgen maar ze krijgen er geen beweging in. Bij ons rijst de vraag of de buitenboordmotor er nog op zit maar dit is niet te zien. Gelukkig voor het motortje en voor Hans en An blijkt later dat dit niet het geval is. Grappig is trouwens dat die twee zich van geen kwaad bewust waren toen wij ze het verhaal over hun bootje vertelden. Zelf hebben ze niet gezien hoe hun bootje vastgeklemd heeft gezeten want toen ze terugkwamen was het water ondertussen al weer voldoende gezakt. Pas de volgende dag, na ons verhaal en toen ze zelf een ander bijbootje vastgeklemd zagen, nu wel met motortje, begrepen ze hoe hun eigen kleine rode taxie heeft geleden.  

Na een heerlijke nacht slapen en een ontbijt met verse broodjes, gehaald door Jan en Steef, rommelen we wat aan totdat de ergste hitte voorbij is. In tegenstelling tot voorgaande plannen hebben we besloten hier in de baai van Cascais te blijven liggen omdat we verwachten dat het in de stad heel erg heet zal zijn. Zodoende rijden we in 35 minuten met de metro naar het hartje van Lissabon. Dit is de eerste keer dat we onze Raaf achter haar anker laten liggen terwijl wij op pad gaan waarbij we niet direct terug kunnen. Doodeng, maar het moet er eens van komen en er liggen meerdere schepen om ons heen waarvan we de mensen kennen, dus op hoop van zegen.
Jan is zo’n twintig jaar geleden een keer in Lissabon geweest met de KLM en heeft hele goede herinneringen aan ‘kersenpitten spugen’ en ‘chicken piri piri’. Twee aspecten die sinds we de Portugese wateren zijn binnen gevaren, regelmatig de revue passeren. Ben, de schipper van Ocean Link,waar we gisteren kennis mee hebben gemaakt, blijkt het ‘kippen scheuren’, zoals hij het noemt, nog te kennen vanuit zijn jeugd, toen hij er, jawel met zijn vader (ook KLM-er) is geweest. De uitdaging is nu om uit te vinden  of dit alles nog bestaat en zo ja waar?
De ‘kersenpitten spuugtent’ vinden we per ongeluk als we er langs lopen en mensen met bekertjes in hun hand, zien staan. Het gaat in deze eigenlijk helemaal niet om het kersenpitten spugen maar om een glaasje sherry dat je bij een heel klein winkeltje, meer een soort gat in de muur, per glaasje kunt kopen en waar kersen in zitten. Het is een typisch Lissabons gebruik om hier op weg van A naar B even een drankje te halen. Met uitzondering van de drie die hiernaast op een rijtje proberen wie er het verst kan spugen heb ik weinig anderen deze waarschijnlijk door de KLM geïntroduceerde eigenaardigheid zien uitvoeren maar dat mag de pret niet drukken.
Na dit evenement komen we na een paar aanwijzingen uit bij de kippentent waar nu nog steeds, na twintig jaar, de lekkerste ‘chicken piri piri’ geserveerd wordt.  Naast Jan met gevolg zat er trouwens nog een andere ex-KLM-er met zijn gezin te eten en later op de avond zouden Ben en zijn meisjes er langs gaan. Al met al, al meer dan twintig jaar DE kippentent voor de KLM, dat verdient toch minstens een kroontje, of moet die er juist af nu Air France het scepter zwaait?

Als bij terugkomst, het is ondertussen stikdonker, zowel onze BB als onze Raaf trouw op ons liggen te wachten gaat er ongewild toch een zucht van opluchting door ons heen en kan Jan zijn schouders en nek weer ontspannen. Voldoende ontspanning voor een pot Catan.
Dit wordt ondertussen de zevende pot waarbij totnogtoe, Jan 2 keer gewonnen heeft, Mar 2 keer, Steef 1 keer en ik 1 keer en Steef het algemeen klassement aanvoert.

De volgende dag staat weer in het teken van Lissabon en aangezien we vandaag onder andere de stad vanuit een ‘hop off<>hop on’ bus willen bekijken trekken we er vroeg op uit. Tijdens onze tour brengen we onder andere een bezoek aan een prachtige arena die gebruikt wordt voor stierenvechten. In Portugal worden de stieren niet gedood tijdens een gevecht waardoor het iets minder luguber is. De zitplaatsen zijn heel dicht rond de piste geplaatst waardoor het publiek er bijna in zit. We zijn geen van vieren bereid om het in het echt te ervaren maar denken dat deze intimiteit beslist van invloed zal zijn op de ophitsende sfeer die er tijdens een gevecht ontstaat.  
De volgende stop, maken we bij het grote standbeeld der zeevarenden en de Torre de Belem aan de rivier de Taag. Op het gigantisch hoge standbeeld in de vorm van een schip zijn alle grote figuren afgebeeld die ooit iets belangrijks aan de Portugese roem en/of rijkdommen van weleer hebben bijgedragen. De Torres die in opdracht van Manuel I als fort werd gebouwd werd in die tijd als beginpunt voor de zeehelden gebruikt.
Daarna wandelen we naar het maritiem museum dat met zijn rijke Portugese maritieme historie beslist een bezoek waard is. In dit museum wordt zelfs de meest ingeslapen geest geprikkeld met oude zeekaarten, fraai in beeld gebrachte zeeslagen,  prachtige kleine replica’s van de toen gebruikte schepen en opgedoken vondsten uit vroeger tijden. Of je nu wilt of niet, als je even met je ogen dicht op een bankje gaat zitten, ruik je opeens de geur van pek, rook en kruitdampen terwijl je het gebulder van de kanonnen over het water naar je toe komt rollen. Je hoort de kreten van de man uit het kraaiennest dat net boven de mist een stuk van een vijandige mast ontwaart. Geweldig!
Na een daarop volgend bezoek aan het Mosteiros dos Jeronimos, een meer dan prachtig klooster, waarin o.a. de graftombe van Vasco da Gama is gehuisvest, gaan onze kaarsjes uit en zijn we blij dat we na een kort ritje met de bus, ons op een bankje in de metro kunnen laten zakken. Zelfs een onverwachte vertraging kan ons niet meer boeien.
Terug op onze Raaf hebben we zelfs geen puf meer voor Catan, dus genieten we van een zwoele avond met uitzicht op de volle maan die zijn zilveren spoor over het blauwzwarte water legt.

Vandaag, zaterdag, nemen we vrij. Van culturele aspecten dan wel te verstaan. De jongens willen een aantal klussen aanpakken en Mar en ik gaan Cascais onveilig maken. Shoppen tot we droppen. Nadat we alle winkels minstens even van binnen hebben gezien, gaan we bepakt en bezakt met boodschappen terug naar de pier, waar Jan ons ophaalt met BB.
Jan en Steef zijn ondertussen heel nuttig bezig geweest. Steef is de mast in gehesen om de afgezakte radarreflector vast te zetten en de eerste zaling af te tapen als bescherming voor het zeil. Heerlijk want dat scheelt mij een ritje omhoog waar ik helemaal niet rouwig om ben. Gek is dat, een jaar of wat geleden deed me dat niets maa,r de laatste tijd krijg ik de kriebels van hoogtes. Wel onhandig met een mast van ruim zeventien meter maar voor nu dus geen probleem. Dank je Steef!
’s Middags hebben ze zitten rommelen aan de website omdat deze veel te traag reageert. Ergens is een cruciale fout ontdekt en nu deze is hersteld, bevat hij nog geen twintigste van de megabites die hij hiervoor innam. Tijdens deze klus is er wel van alles gebeurd waardoor de inhoud van het kopje ‘verslag een t/m vijf’ een tijdje zoek geweest is (sorry Ruud) en de foto’s van verslag acht ergens tussen wal en schip zijn geraakt. Jammer van die leuke rode zwemkrabben maar we beloven dat ze te zijner tijd in een van de fotoboeken opduiken samen met de andere nu weggevallen foto’s. Als het goed is staan er vanaf dit verslag weer foto’s bij.

Na terugkomst, eerst potje acht van het Portugese open gespeeld, gewonnen door Marianne en daarna een heerlijke kaasfondue verorberd. Rolf van Rajac, ook een vertrekker van de lichting 2006, vaart langs en komt even aan voor een praatje. Leuk is dat om mensen te ontmoeten met dezelfde plannen waarmee je ideeën kunt uitwisselen.
De negende pot Catan wordt na het eten dusdanig glorieus gewonnen door Steef dat hij in een eventuele tiende pot niet meer van de overwinnaarsplek verslagen kan worden. Zodoende besluiten we gezamenlijk, de tiende niet meer te spelen. Steef kunnen we zodoende nu al benoemen tot officieel winnaar van het Portugees open, jawel!

Cascais > Belem 13 augustus 2006
Na vijf dagen achter het anker in Cascais gaan we anker op richting Lissabon. Met alleen de Genua op varen we op ons gemakje naar de monding van de rivier de Taag waar we de afgelopen dagen regelmatig met de bovengrondse metro langs gereden zijn. Het is leuk om te zien hoe anders de stad er vanaf het water uitziet.
Vooral de Ponte 25 de Avril, de hangbrug over de Taag is een meer dan indrukwekkend evenement. Allereerst blijft het, ondanks dat we beter weten, toch spannend of het wel past en daarnaast is deze brug bijzonder doordat hij roosters als wegdek heeft. Naast het feit dat je hierdoor de auto’s er van onderaf overheen kunt zien rijden maakt het contact van de banden met het wegdek een bijzonder onheilspellend geluid dat nog het meest lijkt op een enorme zwerm aanvallende bijen.  
Vanaf de brug is het nog maar een klein stukje naar de jachthaven die aangrenzend aan een container haven, in het hartje van de stad ligt.

Na een uitgebreide poedelbeurt gaan we gevieren op zoek naar de Fado buurten van de stad. De steil omhooglopende trammetjes blijken gedurende de komende zes maanden waarin herstelwerkzaamheden worden uitgevoerd, ‘out of order’. Niet helemaal lekker gepland natuurlijk zo met het toeristen seizoen voor de deur maar ze zijn leuk ingepakt in een container dus wie klaagt is een kniesoor.
Na een kuitenbijter met een helling van zo’n 20 %, te voet te hebben bestreden, dwalen we boven wat
rond door smalle straatjes tot we een stem horen die ons binnenlokt. Een eenvoudige eettent met acht
lange tafels, tegeltjes aan de wand en een open keuken. Twee oude mannen zitten op houten krukjes tegen de wand en bespelen de guitarra en de viola. De twee fado instrumenten bij uitstek die in het geval dat
ze goed bespeeld worden, de melodie-lijn van de zanger niet alleen volgt, maar zelfs verrijkt. Zo staat
het althans in de gids. Naast de twee oudjes staat een jong meisje met de stem van een engel.
Totaal overrompeld laten we ons aan een van de tafels plaatsen terwijl we een menukaart in de hand krijgen geschoven. Al snel blijkt dat we een in familiebedrijf zijn beland waar het hele gezin inclusief de kokkin kan zingen. Het blijkt dat de beste fado-huizen in Lissabon door de fadistas zelf gerund worden. Hier gaat het vooral om de liefde voor de muziek en de banden met andere zangers. Naar het blijkt zijn we met onze neus in de boter gevallen. Na het jonge meisje is het de beurt aan de bazin die een prachtige fado ten gehore brengt. Ondertussen neemt het meisje met de engelenstem haar taak als serveerster weer op en rent met borden af en aan. Ieder optreden duurt drie liedjes waarna ze zich laten aflossen door de volgende. Na de bazin zingt de baas, daarna dochterlief en als laatste de kokkin. Prachtig zoals die na de aankondiging, gewoon haar schort aflegt en van achter haar fornuis komt om haar liedjes te zingen. Het gehele festijn wordt achter onze rug door een complete filmploeg opgenomen met een enorme filmcamera. Wie weet, wordt het binnenkort zomaar opeens uitgezonden bij de lokale televisie.
Gelukkig zit er achter mij een Portugese jongeman die al een aantal jaar in België woont en nu op vakantie is in zijn geboortestad. Hij vindt het leuk om ons uitleg te geven over de specifieke fado gebruiken en vertaald soms kleine stukjes. Fado is, net als de blues, een expressie van verlangen en verdriet. In deze muziekvorm wordt het lot bezongen waarbij het verlangen naar wat verloren is gegaan de emotionele kracht zou kunnen verklaren.